Kwaliteit, voedselveiligheid, traceerbaarheid en duurzaamheid. Daar zorgen we voor!

Globale benadering

Van riek tot vork: een globale benadering van de voedselketen

In januari 1999 heeft België een verontreiniging van de voedselketen meegemaakt, de zogenoemde « dioxinecrisis ». Aan de oorsprong van deze besmetting lag het gebruik van een besmette partij gerecycleerd vet bij de productie van veevoeder. De economische gevolgen van deze crisis waren aanzienlijk en hadden een impact tot ver buiten onze landsgrenzen. Deze crisis was uiteindelijk de directe aanleiding tot de oprichting van het FAVV (Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen).

Het FAVV heeft een systeem opgezet, de zogenaamde autocontrole, om de voedselveiligheid en de traceerbaarheid van voedsel « van riek tot vork » te kunnen waarborgen. Dit systeem betreft al de operatoren in de voedselketen en verplicht elke operator om binnen zijn onderneming goede hygiënepraktijken toe te passen en te controleren. Om de operatoren te helpen bij het ontwikkelen van hun autocontrolesysteem, werden er door de sectororganisaties gidsen opgesteld die vervolgens na een grondige evaluatie door het FAVV werden goedgekeurd.

Deze sectorgidsen hernemen de belangrijke te controleren punten wat betreft  voedselveiligheid en traceerbaarheid. Tenslotte moeten de ondernemingen het FAVV onmiddellijk  informeren als zij vermoeden dat een door hen ingevoerd, geproduceerd, verwerkt of verdeeld product schadelijk kan zijn voor de gezondheid van mens, dier of plant. Dit is de meldingsplicht aan het FAVV.

Deze wettelijke verplichtingen maken deel uit van een breder Europees kader. De Europese Commissie heeft immers bepaald dat elke lidstaat sinds 2002 over een systeem moet beschikken dat de veiligheid waarborgt van het voedsel voor mens en dier. Het Belgisch systeem is erkend op Europees niveau als een doeltreffend systeem.